Raphaëla vraagt Nederland om onafhankelijk corruptieonderzoek bij Domeinbeheer en VVRP

· - leestijd 1 minuut
Afbeelding
Dick Drayer

WILLEMSTAD – Oud-beleidsadviseur en journalist Erwin Raphaëla vraagt de Nederlandse regering om hulp bij een onafhankelijk onderzoek naar corruptie binnen het Curaçaose overheidsapparaat. Hij noemt daarbij specifiek Domeinbeheer en het ministerie van Verkeer, Vervoer en Ruimtelijke Planning (VVRP).


Raphaëla heeft zijn verzoek op 15 oktober gestuurd aan staatssecretaris van Koninkrijksrelaties Eric van der Burg. Hij spreekt in de brief van „endemische corruptie” en stelt dat Curaçao onvoldoende in staat is om mogelijke misstanden binnen het eigen overheidsapparaat onafhankelijk te onderzoeken.

Volgens Raphaëla moet „met de bezem” door verschillende overheidsdiensten worden gegaan. Hij noemt Domeinbeheer en andere instanties die betrokken zijn bij de uitgifte van grond in erfpacht. Ook het gehele ministerie van VVRP zou volgens hem aan een diepgaand en onafhankelijk onderzoek moeten worden onderworpen.

Raphaëla vraagt daarnaast om vervolging wanneer uit onderzoek strafbare feiten blijken.

Afstand nodig

De voormalig beleidsadviseur stelt dat onderzoek op Curaçao wordt bemoeilijkt doordat het eiland klein is en familie-, vriendschaps- en andere persoonlijke relaties een rol kunnen spelen. Daarom zou volgens hem een onderzoeksinstantie nodig zijn die voldoende afstand heeft tot de lokale verhoudingen.

Hij wijst daarnaast op problemen die volgens hem al langer spelen binnen het openbaar bestuur, waaronder mondeling gemaakte afspraken die niet worden vastgelegd en klachten van burgers waarop onvoldoende wordt gereageerd.

Raphaëla verbindt corruptie ook aan bredere maatschappelijke problemen. Volgens hem leidt vriendjespolitiek tot verlies van vertrouwen in de overheid, jaagt het jongeren weg en maakt het publieke projecten duurder.

Een aantal zware beschuldigingen in de brief, waaronder vermoedens over een niet bij naam genoemde minister, wordt niet met bewijs onderbouwd.

Ook naar parlementen

De brief is niet alleen naar de staatssecretaris gestuurd. Raphaëla heeft afschriften gestuurd aan de Ministerraad en de Staten van Curaçao, de voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer en de vaste Kamercommissie voor Koninkrijksrelaties.

Daarmee brengt hij een oproep die hij eerder publiekelijk deed nu formeel onder de aandacht van zowel de Curaçaose als Nederlandse politiek.


199 keer gelezen

Deel dit artikel: